Divers

Amsterdam Sevens

21 juni, 2014

Voor het Topsport Amsterdam magazine zal ik ieder kwartaal een wedstrijd bezoeken en mijn licht erover laten schijnen. Deze keer: De Amsterdam Sevens.

Op weg naar huis kon ik wel janken. Ik had ’s avonds nog een feestje, maar heb die mooi gecanceld. Alles bleek voor niets geweest. Mijn pletterpet. Het Bavaria jurkje van mijn vriendin. Mijn enorme oranje bril en al die andere oranje feestartikelen. Wat liep ik daar voor joker.

Onze Dutch Sevens Ladies presteerden tijdens de Amsterdam Sevens minder goed dan iedereen verwachtte. Het gat met de wereldtop is nog groot, maar zeker niet onoverbrugbaar. Met nog zo’n twee jaar te gaan tot de Olympische Spelen van Rio de Janeiro zal er echter nog een flinke stap genomen moeten worden. Wedstrijden tegen Canada, Brazilië en Engeland zijn daarom mega belangrijk. Zwaar op je kloten krijgen, letterlijk en figuurlijk je wonden likken en weer doorgaan. Zonder dieptepunten geen hoogtepunten.

Had dan ook lekker op zaterdag gegaan, Nick. Toen wonnen ze tenminste alles. Op vrijdag bleken de tegenstanders gewoonweg te goed. Sneller, slimmer, feller en sterker. Dat was wel even slikken. Misschien waren mijn verwachtingen gewoon te hoog. Ik dacht de ‘we’ wel even zouden winnen. Je kunt geen krant meer openslaan tegenwoordig of je komt wel weer één van onze rugbydames tegen. Ze zijn hot. Sterke persoonlijkheden, goed management, een belangrijke sponsor en veel talent. Het toernooi zelf werd overigens voortreffelijk georganiseerd. De zon werkte mee en de tribunes zaten vol. Een toernooi met een historie en waarde voor de stad Amsterdam.

Sport is mooi, maar per definitie oneerlijk. Zo lang draaien onze dames nog niet een fulltime programma, terwijl in veel andere landen rugby één van de belangrijkste sporten is. Ik zie een vrouw in het Russische team, terwijl ik weet dat ze eigenlijk geen vrouw is. Onmogelijk. Ik zie een Braziliaanse met een betere passeerbeweging dan Ronaldinho. Om nog maar te zwijgen over de Amerikaanse dames. Met pijn in het hart moet ik concluderen dat onze Nederlandse vrouwen te mooi zijn. Stuk voor stuk topmodellen. Dat kun je hen overigens niet verwijten. Toch stel ik voor om ze tijdelijk, gedurende een periode van een jaar of twee, om te toveren in beesten. Vrouwen waar je al bang van wordt als je er alleen maar naar kijkt. Meer angst inboezemen bij de tegenstanders. Na de gouden medaille in Rio mogen ze zichzelf weer worden, zullen we dat afspreken?

Het Bavaria jurkje moest ik vrijdag gelijk weer inleveren bij mijn vriendin. Ze brabbelde over een WK voetbal, of zoiets. Ik hoorde het niet echt. Verliezen doet pijn. Bij de rugbysters, maar zeker ook bij de supporters. Ik riep geloof ik nog iets naar mijn vriendin terug over volgend jaar. Dat ik hem dan weer wil lenen.

Want volgend jaar zit ik gewoon weer op de tribune. Met mijn pletterpet. Met het geleende Bavaria jurkje. Met een enorme oranje bril en weer met al die andere oranje feestartikelen. Veel mooiere toernooien in Amsterdam bestaan er niet.

Hup, Dutch Sevens Ladies, hup.

Een gratis exemplaar van het magazine ontvangen? Bestel ‘m hier